Diversiteit als businesscase

21 februari 2011

 

Mijn rubriek in Trouw betrof de vraag van een vrouwelijke manager in een technisch bedrijf. Ze had het vooral lastig in het managementteam waar ze de enige vrouw is. Ik was altijd iemand die anderen op sleeptouw nam maar ervaar mezelf nu als timide en afwachtend, schreef ze.
Ik schreef haar dat ik vaak meemaak dat de vrouwen in die situatie uiteindelijk vertrekken en iets leukers gaan doen. Uit veel onderzoek weten we inmiddels dat vrouwen (of andere groepen die vanuit een onderdrukte positie komen) met 37 procent aanwezig moeten zijn, om echt lekker te functioneren (uitzonderingen daargelaten).  Zijn ze veruit in de minderheid dan herkennen ze zichzelf te weinig in de omgeving. Er is dan te veel ‘uitsluiting’ waardoor deze vrouwen heel vaak op hun tenen moeten lopen.

 Het begrip uitsluiting wint gelukkig terrein in het diversiteitsbeleid. Inclusiviteit wordt als doel gesteld. Men begrijpt meer en meer dat het niet alleen gaat om aantallen, maar vooral ook om de cultuur waarin mensen werken. Vrouwen, maar ook allochtonen, homo’s, in sommige situaties ouderen of juist hele jonge medewerkers, kunnen op (meer of minder) subtiele wijze worden buitengesloten. De ‘meerderheid’ heeft dat vaak helemaal niet door. Domweg omdat hun cultuur dominant is. Bekend voorbeeld is het gebruik van ‘homo’ als scheldwoord. Degenen die het zeggen vinden het grappig. Een homo die uit de kast is kan misschien meedoen, omdat hij of zij al barrières heeft genomen, maar voor de homo of lesbo die worstelt, is het elke keer een knauw.

Diversiteitbeleid maakt kans als het wordt opgevat als business case. Zowel de organisatie als de medewerkers hebben te winnen. De productiviteit kan stijgen doordat er bijvoorbeeld beter op de klantengroep wordt afgestemd (die ook divers is) of doordat de diversiteit in het personeelsbestand een grotere omgevingsgevoeligheid oplevert. Ook zie je vaak innovaties doordat er in de teams – door de ‘wrijving’ die verschil met zich meebrengt- scherper en creatiever wordt gedacht. Als het goed werkt worden de verschillen tussen mensen namelijk niet meer weggepoetst, maar juist gewaardeerd. Dat is niet per se gemakkelijk, maar wel precies het punt waar het op aan komt.
Lees de rubriek hier

Vrouw in de organisatie

31 maart 2010

In april houd ik een lezing in Groningen. Het moet gaan over ‘de kracht van vrouwen in organisaties’. Mijn werktitel is: Op weg naar de M/V organisatie. De emancipatie van vrouwen voltrekt zich in de organisatie.
De wervingstekst luidt: Vrouwen hebben een enorme opmars gemaakt. Het opleidingsniveau van de Nederlandse vrouw is oongekend hoog. Er studeren inmiddels meer meisjes af dan jongens. Vrouwen zijn doorgedrongen in haast alle beroepen en in sommige, voorheen mannenberoepen, vormen zij de meerderheid. Veel goedopgeleide vrouwen zijn trots op hun carriere, weten hun leven goed te managen en geven zich een hoog cijfer voor geluk. Toch wringt er nog iets: in de betaalde arbeid voelen veel vrouwen zich niet op waarde geschat, ze delen te weinig in de macht, en herkennen zich onvoldoende in de cultuur. wat is de kracht van vrouwen? en wat moet er gebeuren om als medewerker m/v én als organisatie daar volop van te profiteren.

En nu aan de slag. Ik heb mezelf een leuke uitdaging gesteld….