Scoren (SiS)

31 december 2005

Vrouwen voelen zich vaak niet thuis in de top van een organisatie. Ze vragen zich soms vertwijfeld af of ze daar wel op de goede plek zitten. Neem Anna, manager in een overheidsinstelling …

Haar afdeling loopt als een trein. Zij is goed in teambuilding, het stroomlijnen van werkprocessen en coaching. Kortom, met zachte hand laat ze eenieder dat doen waar hij of zij goed in is.
Anna is lid van het managementteam. In haar ogen zou men daar als één team moeten werken aan de organisatiedoelen. Ze ervaart het echter als een jungle waarin het een kwestie is van loven, bieden en konkelen. En ze blijft er nauwelijks overeind.
Wat kan Anna doen? In de eerste plaats kan ze zich realiseren dat de cultuur in de meeste bedrijven ‘masculien’ is. Organisaties waren altijd ‘mannen-dingen’ en dat vind je nu nog terug in de bedrijfscultuur. Ook als er veel vrouwen werken, zo blijkt uit onderzoek.
Waarden als hiërarchie, competitie en status, individuele prestaties, zelfpromotie en het werk centraal stellen in je leven, staan hoog aangeschreven. Ook worden leidinggevenden vaak geacht zeer gedreven te zijn en geen kwetsbaarheid of zwakte te tonen. Het zijn aarden waar mannen en jongens, door de bank genomen, meer training in hebben.
Anna is niet opgegroeid met jongens. Ze snapt niet wat de lol is van aftroeven en scoren. Ik raad haar aan in een speeltuin eens goed te kijken hoe jongetjes spelen, hoe ze hun veiligheid regelen, de wereld verkennen en bijvoorbeeld hun onderlinge hiërarchie organiseren. Vervolgens moet Anna proberen de omgangsregels en de besluitvorming op het werk ook als een spel te gaan zien en zich tot doel te stellen de spelregels te doorgronden. Als ze dat gedaan heeft, blijkt ze er zelfs plezier in te krijgen mee te spelen en leert ze om niet alles zo op zichzelf te betrekken.
Inmiddels neemt Anna haar eigen plek in de hiërarchie in en verontschuldigt zich daar niet meer voor. Ze speelt af en toe anderen het balletje toe en realiseert zich dat het niet alleen om de inhoud gaat. Ook waardering en status zijn belangrijk. Ze is steeds beter in staat om met brede billen op de apenrots te zitten. Het gevolg is dat ze nu met een paar projecten echt wil, en waarschijnlijk ook kan scoren. Ze weet de juiste mensen te mobiliseren. En ze heeft gemerkt dat ze met haar standvastige houding en vechtlust ontzag afdwingt bij haar masculien ingestelde collega’s.
Pas nu Anna het spel in de vingers heeft, is het moment aangebroken te onderzoeken of ze op de juiste plek zit. Niet eerder. Mijn stelling is: loop nooit te snel weg. Om op de lange duur succesvol te zijn moet je de basale spelregels van het bedrijf waar je werkt, beheersen. Je kunt er maar tot op zekere hoogte een eigen draai aan geven. In de top van organisaties draait het om de macht, en die wordt uiteraard alleen gedeeld met mensen die worden vertrouwd. Je toetssteen is daarom de vraag: hoor ik erbij, en horen zij bij mij? Is het antwoord hierop nee, en blijft dat nee, dan kun je het beter gaan proberen in een organisatie met een voor jou passender cultuur.

Boelens helpt

  • Zie de omgangsregels in je bedrijf als een spel waarvan de spelregels niet zijn bijgeleverd. Het is jouw taak die te ontrafelen.
  • Ga je eens met een vriendin te buiten aan het onbekommerd ‘roddelen’ over de belangrijke personen op je werk: wat drijft hen, wat zijn hun onhebbelijkheden, sterke en zwakke kanten?
  • Beschrijf de bedrijfscultuur als een persoon. Wat zijn diens kenmerken?
  • Ken ook je eigen ‘rattenstreken’. Vrouwen kunnen ook zeer genieten van het zich laten gelden. Kom daar maar voor uit.
  • Durf te genieten van het spel in de organisatie.
  • Besef dat het hebben van invloed pas aan de orde is als je erbij hoort.